9.4 Trekken met en zonder terugleggen

Wanneer je binnen de kansrekening te maken hebt met het herhalen van kansexperimenten, dan zijn deze kansexperimenten onder te verdelen in twee algemene groepen, namelijk trekken met terugleggen en trekken zonder terugleggen. In uitlegvideo 1 laten we een voorbeeld geven we drie vrijwel identieke vraagstellingen, waar de kleine verschillen in vraagstellingen zullen zorgen voor een verandering in de kans. We laten zien wat voor rol het vaasmodel speelt bij de scheiding tussen trekken met en zonder terugleggen.

Wanneer je kansen berekent bij het pakken van een klein aantal knikkers uit een vaas met een steeds groter wordend aantal knikkers, dan zul je zien dat de kansen met betrekking tot trekken met terugleggen en de kansen met betrekking tot trekken zonder terugleggen steeds dichter bij elkaar komen en het verschil tussen deze twee gebieden verdwijnt. Dit is een zeer gunstige bijkomstigheid wanneer je kansen berekent bij grote groepen. Dit principe wordt uitgelegd in uitlegvideo 2 en in uitlegvideo 3 zullen we laten zien wat we hier praktisch aan hebben.

  • Uitleg 1: Trekken met en zonder terugleggen & het vaasmodel
  • Uitleg 2: Een kleine steekproef uit een grote populatie
  • Uitleg 3: Een kleine steekproef uit een grote populatie (voorbeeld)

COMING SOON!!

COMING SOON!!

One thought on “9.4 Trekken met en zonder terugleggen


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

* Copy This Password *

* Type Or Paste Password Here *